
België is meer dan een toplocatie; het is een operationeel ecosysteem waar de juiste strategische keuzes uw time-to-market drastisch versnellen.
- Snelle toegang tot klinische studies dankzij een unieke samenwerking tussen universiteiten en het FAGG.
- Flexibele vastgoedopties, van plug-and-play bio-incubatoren tot sites voor eigen bouw, bepalen uw initiële CapEx en snelheid.
- Een wereldklasse logistieke hub voor ‘cold chain’, ondersteund door gespecialiseerde infrastructuur en fiscale voordelen.
Aanbeveling: Analyseer de regionale verschillen in steunmaatregelen en de nabijheid van universitaire ziekenhuizen alvorens een definitieve locatiekeuze te maken.
Voor internationale biotech-CEO’s die een Europese expansie overwegen, duikt de naam België onvermijdelijk op. De reputatie als ‘Health & Biotech Valley’ van Europa is bekend, vaak toegeschreven aan de centrale ligging en de aanwezigheid van een hoogopgeleide talentenpool. Deze factoren zijn inderdaad belangrijk, maar ze vormen slechts het topje van de ijsberg. Zich enkel hierop baseren, zou een strategische vergissing zijn.
De ware kracht van het Belgische ecosysteem ligt niet in wat het *is*, maar in wat het *mogelijk maakt*. De vraag is niet *of* België een goede keuze is, maar *hoe* u de unieke operationele hefbomen van het land optimaal benut om uw concurrentievoordeel te maximaliseren. Een succesvolle vestiging hangt af van een reeks kritieke beslissingspunten die vaak onder de radar blijven: de keuze tussen een bio-incubator en een eigen productiesite, de selectie van een logistieke partner die de complexiteit van cold chain beheerst, en het navigeren door de nuances van de FAGG-procedures.
Dit artikel gaat verder dan de promotionele slogans. Het is een C-level playbook, ontworpen om u te gidsen door de strategische overwegingen die uw time-to-market, R&D-efficiëntie en uiteindelijke winstgevendheid in België zullen bepalen. We analyseren de concrete mechanismen achter het succes, van de versnelde opstart van klinische studies tot de optimalisatie van fiscale voordelen voor uw R&D-personeel. Zo transformeert u een geografische keuze in een krachtig strategisch wapen.
In dit overzicht ontdekt u de cruciale factoren die van België een strategische hub maken. De volgende secties bieden een gedetailleerd stappenplan voor elke fase van uw investeringstraject.
Inhoudsopgave: Uw strategisch stappenplan voor vestiging in de Belgische Biotech Valley
- Hoe versnelt de nabijheid van UZ Leuven en UZ Gent uw fase 1 klinische studies?
- Bio-incubator of eigen bouw: wat is de slimste vastgoedkeuze voor een spin-off?
- Cold chain transport: aan welke eisen moet uw vervoerder voldoen voor vaccins?
- De procedurefout bij het FAGG die uw markttoelating maanden ophoudt
- Wanneer start u de rekrutering van gespecialiseerd labopersoneel voor uw nieuwe site?
- Hoe bewijst u dat uw softwareontwikkelaars in aanmerking komen voor de fiscale vrijstelling?
- Hoe vindt u magazijnen die voldoen aan de strengste Seveso-normen in het havengebied?
- Welke specifieke premies krijgt u als buitenlandse investeerder in 2024?
Hoe versnelt de nabijheid van UZ Leuven en UZ Gent uw fase 1 klinische studies?
De snelheid waarmee u een fase 1 klinische studie kunt opzetten, is een cruciale factor voor uw time-to-market. België excelleert op dit vlak, niet enkel door een efficiënte regelgeving, maar vooral door de extreem nauwe integratie tussen academische ziekenhuizen en de industrie. Met 503 klinische proeven die alleen al in 2020 werden geïnitieerd, is het land een van de meest actieve hubs in Europa. De universitaire ziekenhuizen van Leuven (UZ Leuven) en Gent (UZ Gent) fungeren hierbij als belangrijke versnellers.
Hun Clinical Trial Centers (CTC’s) zijn geen passieve entiteiten, maar proactieve partners. Ze bieden een ‘single point of contact’ voor de volledige opzet, van protocolontwerp en ethische goedkeuring tot patiëntenrekrutering. De nabijheid van Key Opinion Leaders (KOL’s) en hun onderzoeksgroepen maakt het mogelijk om protocollen snel te valideren en toegang te krijgen tot gespecialiseerde patiëntenpopulaties. Dit verkort de opstartfase, die in andere landen vaak maanden in beslag neemt, aanzienlijk.
De sleutel tot succes is een vroege en strategische benadering van deze centra. Het is geen administratief proces, maar een partnerschap. Toegang verkrijgen vereist een proactieve houding. De volgende stappen zijn essentieel:
- Identificatie van KOL’s: Start minstens 12 maanden voor de geplande indiening met het identificeren van relevante onderzoeksgroepen via wetenschappelijke publicaties.
- Pre-submission Meeting: Vraag een voorbereidende vergadering aan bij het CTC. Dit is cruciaal om uw dossier af te stemmen op hun specifieke vereisten en processen.
- Statistisch Advies: Maak gebruik van de gratis adviessessies bij ondersteunende centra zoals Leuven BioStat om de statistische onderbouwing van uw studie te versterken.
- Financiering: Werk samen met het ‘grant office’ van het CTC om mogelijkheden voor Europese of FWO-financiering te onderzoeken, wat uw project extra geloofwaardigheid en middelen kan geven.
Door deze centra te zien als strategische partners in plaats van louter uitvoerders, benut u een van de krachtigste operationele hefbomen van het Belgische biotech-ecosysteem. Het is een directe route naar een snellere en efficiëntere klinische ontwikkeling.
Bio-incubator of eigen bouw: wat is de slimste vastgoedkeuze voor een spin-off?
De keuze van uw fysieke locatie is een van de eerste en meest impactvolle beslissingen bij een vestiging in België. Het bepaalt niet alleen uw initiële kapitaalinvestering (CapEx), maar ook uw flexibiliteit en snelheid. De afweging tussen het huren van ruimte in een gespecialiseerde bio-incubator en het bouwen van een eigen faciliteit is een kritiek strategisch beslissingspunt. De verkeerde keuze kan leiden tot onnodig hoge kosten of een te trage marktintroductie.
Bio-incubatoren, zoals die beheerd door het VIB in Gent of de Health Sciences Campus in Leuven, bieden een ‘plug-and-play’ oplossing. Ze elimineren de noodzaak voor een zware initiële investering in labo-infrastructuur en gebouwen. Voor een spin-off of een bedrijf in een vroege fase is dit een enorme troef: de time-to-market kan worden gereduceerd van 2-3 jaar tot slechts 1-3 maanden. Bovendien bieden deze incubatoren gedeelde diensten (receptie, afvalbeheer, ICT) en toegang tot een direct netwerk van andere biotechbedrijven, wat synergieën en kennisdeling bevordert.
Een eigen site bouwen biedt maximale schaalbaarheid en personalisatie, maar vereist een aanzienlijke CapEx en een langere doorlooptijd. Deze optie is doorgaans voorbehouden aan bedrijven die de R&D-fase voorbij zijn en zich voorbereiden op grootschalige productie. Een derde, vaak over het hoofd geziene optie, is de aankoop of huur van een bestaande GMP-site. Dit kan een gulden middenweg zijn die een snellere opstart dan nieuwbouw combineert met meer controle dan een incubator. De onderstaande tabel vat de belangrijkste afwegingen samen.
Deze vergelijking toont aan dat de ‘slimste’ keuze afhangt van de maturiteit, de financiering en de groeistrategie van uw bedrijf.
| Criterium | Bio-incubator (Leuven/Gent) | Eigen bouw | Bestaande GMP-site |
|---|---|---|---|
| CapEx initieel | €0 (huur vanaf €15-20/m²/maand) | €2500-4000/m² | €500-1500/m² |
| Time-to-market | 1-3 maanden | 24-36 maanden | 6-12 maanden |
| Schaalbaarheid | Modules van 272m² (VIB Gent) | Onbeperkt | Beperkt door bestaande structuur |
| Services inbegrepen | Receptie, ICT, afvalbeheer, lab-infrastructuur | Zelf organiseren | Variabel |
| Netwerkmogelijkheden | Direct toegang tot 10-15 biotech bedrijven | Geïsoleerd | Afhankelijk van locatie |

Zoals de afbeelding toont, is de infrastructuur in deze incubatoren van wereldklasse. Voor veel startende en groeiende bedrijven biedt het huren in een incubator de meest kapitaalefficiënte en snelle route naar operationele activiteit in België.
Cold chain transport: aan welke eisen moet uw vervoerder voldoen voor vaccins?
De productie van hoogwaardige biofarmaceutische producten is slechts de helft van de vergelijking. Het garanderen van hun integriteit tot aan de eindgebruiker via een ononderbroken ‘cold chain’ is even cruciaal. België, met Brussels Airport als de eerste IATA CEIV Pharma-gecertificeerde luchthaven ter wereld, is een globale leider in farmaceutische logistiek. De export van 57 miljard euro aan biofarmaceutische producten in 2020 onderstreept deze positie. Het selecteren van de juiste logistieke partner is echter geen standaardprocedure; het vereist een grondige audit.
Een vervoerder moet meer bieden dan enkel gekoeld transport. U zoekt een partner met diepgaande expertise in GDP (Good Distribution Practice) en een bewezen trackrecord in het omgaan met de specifieke uitdagingen van de Belgische context. Denk aan de beruchte files op de Brusselse Ring: heeft uw partner noodprotocollen, alternatieve routes en backup-koelsystemen om temperatuurexcursies te voorkomen? Is hun personeel specifiek getraind voor de handling van hoogwaardige vaccins en biologische stalen?
De technologische component is eveneens van vitaal belang. Real-time temperatuurmonitoring via IoT-sensoren is niet langer een luxe, maar een absolute vereiste. Dit biedt niet alleen traceerbaarheid voor kwaliteitscontrole, maar ook de mogelijkheid om proactief in te grijpen bij dreigende afwijkingen. Ervaring met de douaneafhandeling op BRUcargo en de samenwerking met gespecialiseerde afhandelaars zoals Swissport of WFS is een indicator van een mature en betrouwbare partner. Een partner die deze complexe omgeving beheerst, is een strategische troef die risico’s minimaliseert en de marktcontinuïteit garandeert.
Audit-checklist voor logistieke partners in België:
- Verificatie GDP-certificering voor behandeling van biofarmaceutische producten.
- Controle van temperatuurmonitoring-systemen met real-time tracking via IoT-sensoren.
- Aantoonbare ervaring met FAGG-inspecties en douaneafhandeling op Brussels Airport Cargo.
- Evaluatie van noodprotocollen voor verkeerscongestie (bv. Brusselse Ring), inclusief alternatieve routes en backup-koeling.
- Nazicht van trainingscertificaten van het personeel voor de handling van temperatuurgevoelige producten.
- Bevestiging van samenwerking met gespecialiseerde afhandelaars (zoals Swissport, WFS) op BRUcargo.
Het uitvoeren van deze audit is geen formaliteit, maar een essentiële stap in het beveiligen van uw supply chain en de bescherming van uw productwaarde.
De procedurefout bij het FAGG die uw markttoelating maanden ophoudt
Het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten (FAGG) staat internationaal bekend om zijn wetenschappelijke expertise en relatief snelle doorlooptijden voor klinische studies. Deze efficiëntie kan echter een vals gevoel van veiligheid creëren. Een veelvoorkomende misvatting bij buitenlandse bedrijven is dat de procedure voor markttoelating een louter administratief proces is. Dit is een kostbare denkfout. Een ogenschijnlijk kleine procedurefout kan uw markttoegang met maanden vertragen en aanzienlijke onvoorziene kosten met zich meebrengen.
De valkuilen situeren zich vaak in de Belgische specificiteiten. De meest voorkomende fouten zijn een onjuiste interpretatie van de taalwetgeving voor labeling en bijsluiters (die strikter is dan in buurlanden), misverstanden over de nationale fase die volgt op een centrale Europese goedkeuringsprocedure, en het onderschatten van de complexiteit van het RIZIV-dossier voor terugbetaling. Dit laatste is een volledig apart, maar parallel traject dat cruciaal is voor commercieel succes.
Het FAGG beschikt over diepgaande technische en wetenschappelijke expertise, waarmee sponsors van klinische studies vroegtijdig kan begeleiden in het evaluatieproces. Dit maakt het onderzoek voorspelbaarder en de verdere stappen transparanter.
– pharma.be, Klinische studies rapport 2024
Zoals de quote van pharma.be aangeeft, is het FAGG een partner. De meest effectieve strategie om procedurefouten te vermijden, is dan ook proactieve samenwerking. Het aanvragen van een wetenschappelijk-technisch advies (pre-submission meeting) bij het FAGG is een van de beste investeringen die u kunt doen. Tijdens zo’n meeting kunt u uw dossier proactief aftoetsen, potentiële struikelblokken identificeren en uw strategie aanpassen. Dit de-riskt het proces en transformeert de regelgevende procedure van een potentiële horde in een voorspelbaar traject.
Wanneer start u de rekrutering van gespecialiseerd labopersoneel voor uw nieuwe site?
Het antwoord op deze vraag is eenvoudig: veel vroeger dan u denkt. De concurrentie om gespecialiseerd biotech-talent in België is hevig. Hoewel de sector een indrukwekkende groei van 10.000 jobs sinds 2011 kende tot een totaal van bijna 37.000 werknemers, is de vraag naar profielen met expertise in domeinen als celtherapie, genomics en bio-informatica groter dan het aanbod. Wachten tot uw faciliteit operationeel is, betekent dat u achteraan in de rij staat.
Een strategische rekruteringsaanpak begint minstens 9 tot 12 maanden voor de geplande opening van uw site. Dit proces moet parallel lopen met uw vastgoed- en vergunningstrajecten. De eerste fase is gericht op ‘employer branding’: uw bedrijf zichtbaar maken binnen het ecosysteem. Dit doet u door aanwezig te zijn op jobbeurzen van universiteiten als KU Leuven en UGent, en door relaties op te bouwen met belangrijke onderzoeksgroepen en gespecialiseerde rekruteringsbureaus.
Een bijzonder effectieve hefboom is de samenwerking met organisaties zoals het VIB (Vlaams Instituut voor Biotechnologie). Zij fungeren niet alleen als onderzoekscentra, maar ook als actieve ’talent connectors’.
Studie: Talentacquisitie via het VIB-ecosysteem
Het ’technology transfer team’ van het VIB heeft een specifiek programma om talent te verbinden met biotechbedrijven. Nieuwe bedrijven die zich vestigen in hun bio-incubatoren krijgen gedurende 12 maanden hands-on ondersteuning. Dit omvat niet alleen infrastructuur, maar ook directe toegang tot een netwerk van postdoctorale onderzoekers en afgestudeerden van de partneruniversiteiten. Dit verkort de rekruteringstijd voor cruciale R&D-posities aanzienlijk.
De sleutel is om rekrutering niet als een HR-taak te zien, maar als een integraal onderdeel van uw business development strategie. Door vroegtijdig te investeren in uw netwerk en zichtbaarheid, verzekert u zich van het menselijk kapitaal dat nodig is om uw technologische en commerciële doelen te realiseren.
Hoe bewijst u dat uw softwareontwikkelaars in aanmerking komen voor de fiscale vrijstelling?
Een van de meest aantrekkelijke fiscale incentives in België is de gedeeltelijke vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing voor onderzoekers. Deze maatregel kan de loonkost voor R&D-personeel aanzienlijk verlagen. Veel biotechbedrijven realiseren zich echter niet dat hun softwareontwikkelaars hier vaak ook voor in aanmerking komen. Het correct documenteren en argumenteren van deze aanvraag is echter cruciaal. België investeert fors in innovatie, met 3,35% van het BBP dat naar R&D-uitgaven gaat, en de fiscus wil zeker zijn dat de steun correct wordt aangewend.
De aanvraag bij Belspo (het Federaal Wetenschapsbeleid) draait om één sleutelconcept: ’technologische onzekerheid’. U moet aantonen dat uw softwareontwikkeling niet louter een routine-update of de implementatie van een bestaande technologie is. Het moet gaan om een project dat technologische risico’s inhoudt en nieuwe kennis creëert. De manier waarop u uw project omschrijft, is van het grootste belang.
De bewijslast rust volledig bij het bedrijf. Een sluitend dossier omvat niet alleen de projectomschrijving, maar ook de diploma’s van de betrokken ontwikkelaars (master of bachelor in een relevant wetenschappelijk domein) en gedetailleerde timesheets die aantonen welke uren aan welk specifiek R&D-project zijn besteed. Hieronder vindt u enkele praktische richtlijnen voor de projectomschrijving:
- DO: Focus op de ’technologische onzekerheid’ die wordt opgelost in uw beschrijving. Beschrijf bijvoorbeeld de ontwikkeling van een nieuw, complex algoritme.
- DO: Gebruik precieze, technische taal. “Ontwikkeling van een algoritme voor data-analyse van klinische trial resultaten” is beter dan “een tool om data te bekijken”.
- DON’T: Presenteer het project als een routine-update van een bestaande applicatie.
- DON’T: Gebruik vage, commerciële termen. “Een nieuwe interface voor onze CRM” komt vrijwel zeker niet in aanmerking.
Een correct gedocumenteerde aanvraag kan een aanzienlijk financieel voordeel opleveren en is een vaak gemiste kans om de R&D-kosten in België verder te optimaliseren.
Hoe vindt u magazijnen die voldoen aan de strengste Seveso-normen in het havengebied?
Voor biotechbedrijven die werken met potentieel gevaarlijke of ontvlambare stoffen, is het vinden van opslagruimte die voldoet aan de Europese Seveso-richtlijn een absolute topprioriteit. Deze zoektocht kan complex zijn, maar het Belgische logistieke landschap, met name in en rond de Haven van Antwerpen-Brugge, biedt unieke voordelen. Het gaat niet alleen om het vinden van een gebouw, maar om het integreren in een volledig ecosysteem dat is ontworpen voor de veilige behandeling van chemische en biofarmaceutische goederen.
De keuze voor het havengebied is strategisch. Het biedt niet alleen directe toegang tot wereldwijde transportroutes, maar ook tot een concentratie van gespecialiseerde logistieke dienstverleners en infrastructuur. Het vergunningstraject voor een Seveso-inrichting is echter streng en vereist een nauwgezette voorbereiding.
Studie: Haven van Antwerpen-Brugge als GDP-gecertificeerde hub
De Haven van Antwerpen-Brugge onderscheidt zich wereldwijd als de eerste haven die volledig voldoet aan de Europese kwaliteitsnorm ‘Good Distribution Practice’ (GDP) voor de behandeling van biofarmaceutische producten. Dit betekent dat de processen, infrastructuur en partners binnen de havenketen zijn geaudit en goedgekeurd voor farmaceutische logistiek. Voor een bedrijf op zoek naar Seveso-conforme opslag, biedt dit een enorme garantie op kwaliteit en veiligheid, en een netwerk van partners die de vereisten begrijpen.
Het vinden en operationeel maken van een Seveso-conforme site omvat meer dan een vastgoedtransactie. Het is een project dat een nauwe coördinatie met diverse overheden vereist. De volgende stappen zijn cruciaal in dit traject:
- Classificatie bepalen: Identificeer of uw activiteiten vallen onder een lagedrempel- of hogedrempel-Seveso-inrichting.
- Veiligheidsrapport opstellen: Een gedetailleerd rapport met een grondige risico-analyse moet worden ingediend bij de provinciale overheid.
- Geïntegreerde omgevingsvergunning aanvragen: Deze vergunning omvat alle milieu- en veiligheidsaspecten, inclusief de specificatie van de ADR-klassen van de opgeslagen producten.
- Coördinatie met hulpdiensten: Overleg met de lokale brandweer is verplicht voor het opstellen van noodplannen en het bepalen van toegangsroutes.
- Integratie met havenautoriteiten: Zorg voor een naadloze aansluiting op het algemene veiligheidssysteem van de haven.
Door dit proces gestructureerd aan te pakken en gebruik te maken van de expertise die in het Antwerpse havengebied aanwezig is, kan een potentieel complexe vereiste worden omgezet in een vlot en veilig proces.
Belangrijkste inzichten
- Het Belgische biotech-ecosysteem is een operationeel speelveld waar strategische keuzes in R&D, vastgoed en logistiek uw succes bepalen.
- Proactieve samenwerking met regelgevende instanties zoals het FAGG en academische centra zoals de CTC’s transformeert potentiële hordes in versnellers.
- Fiscale incentives en regionale steunmaatregelen zijn significant, maar vereisen een nauwgezette documentatie en een strategische afweging tussen de gewesten.
Welke specifieke premies krijgt u als buitenlandse investeerder in 2024?
Het financiële engagement van België voor de biofarmaceutische sector is substantieel. Dagelijks investeert de sector 15,5 miljoen euro in onderzoek en ontwikkeling, mede mogelijk gemaakt door een gunstig fiscaal klimaat en een web van directe steunmaatregelen. Voor een buitenlandse investeerder is het cruciaal te begrijpen dat deze steun niet monolithisch is. De bevoegdheden zijn verdeeld over het federale niveau en de drie gewesten (Vlaanderen, Wallonië en Brussel), elk met hun eigen prioriteiten en agentschappen.
Op federaal niveau biedt de investeringsmaatschappij FPIM-SFPI mogelijkheden voor co-investering of achtergestelde leningen, voornamelijk voor grote, strategische projecten met een significant groeipotentieel. De meest directe en toegankelijke steunmaatregelen zijn echter te vinden op gewestelijk niveau. Uw keuze voor een locatie in Vlaanderen, Wallonië of Brussel heeft dus een directe impact op het type en de omvang van de subsidies die u kunt ontvangen. Een grondige analyse van deze verschillen is een essentieel onderdeel van uw locatiestrategie.
De onderstaande tabel geeft een beknopt overzicht van de belangrijkste spelers en steunvormen per gewest. Dit is geen exhaustieve lijst, maar illustreert de verschillende accenten die de regio’s leggen.
Deze vergelijking toont de noodzaak van een op maat gemaakte aanpak. De ‘beste’ locatie hangt af van uw specifieke project: een R&D-intensief project met een sterke academische link kan meer gebaat zijn bij de Brusselse subsidies, terwijl een grootschalig productieproject met veel nieuwe jobs mogelijk beter past bij de Vlaamse strategische transformatiesteun.
| Gewest | Organisatie | Type steun | Voorwaarden |
|---|---|---|---|
| Vlaanderen | VLAIO | Strategische transformatiesteun (STS) | Min. 10 nieuwe jobs, €1M investering |
| Wallonië | SPW Économie | Investeringssteun tot 20% | Creatie duurzame werkgelegenheid |
| Brussel | hub.brussels | R&D subsidies tot 45% | Samenwerking met onderzoeksinstelling |
| Federaal | FPIM-SFPI | Co-investering / Achtergestelde leningen | Strategisch project met groeipotentieel |
België is misschien een klein land, maar op het vlak van biopharma en life sciences zijn we wereldtop. Dat is geen toeval, maar een bewuste politieke keuze.
– Alexander De Croo, Eerste Minister van België
Deze bewuste politieke keuze vertaalt zich in een stabiel en voorspelbaar ondersteuningskader, wat voor investeerders op lange termijn een cruciale factor is.
Het navigeren door dit landschap van premies en het optimaliseren van uw financiële structuur is een complexe oefening. Om deze strategieën toe te passen op uw specifieke businesscase, is de volgende stap een gedetailleerde analyse van de gewestelijke ecosystemen en de voorwaarden die van toepassing zijn op uw project.
Veelgestelde vragen over het vestigen in de Belgische Biotech Valley
Wat zijn de meest voorkomende fouten van buitenlandse bedrijven bij FAGG-procedures?
De meest voorkomende fouten zijn een onjuiste interpretatie van de Belgische taalwetgeving voor labeling, misverstanden over de nationale fase die volgt na een centrale EU-procedure, en het onderschatten van de complexiteit en timing van het afzonderlijke RIZIV-terugbetalingsdossier.
Hoe kan een pre-submission meeting bij het FAGG helpen?
Een wetenschappelijk-technisch advies (pre-submission meeting) bij het FAGG helpt om uw dossier proactief af te stemmen op de specifieke vereisten. Dit stelt u in staat om potentiële valkuilen te vermijden, wat de uiteindelijke doorlooptijd van de goedkeuringsprocedure aanzienlijk kan verkorten.
Wat zijn de specifieke Belgische nuances vergeleken met buurlanden?
In vergelijking met Nederland (CBG-MEB) heeft België strengere taalvereisten. Vergeleken met Frankrijk (ANSM) kunnen er andere documentatie-eisen zijn, vooral in de context van multicentrische studies, wat een zorgvuldige landspecifieke aanpak vereist.